Medisch dossier opvragen bij wilsonbekwaamheid

Medisch dossier opvragen bij wilsonbekwaamheid ten tijde van het maken van een testament ondanks beroepsgeheim arts

Ik wil het medisch dossier opvragen van mijn vader/moeder
omdat ik vermoed dat hij/zij medisch gezien niet in staat was een testament te maken.
kan dat?

Dit is een in de praktijk veel voorkomende vraag.

Medisch dossier opvragen bij wilsonbekwaamheid:

Als na het overlijden blijkt dat iemand een testament heeft gemaakt terwijl je sterke twijfels had of diegene wel in staat was om dat te doen,
wordt vaak de behoefte gevoeld hier navraag over te doen.

Bijvoorbeeld kan de huisarts of een andere behandelende arts worden gevraagd om inzage in het medisch dossier.
Een arts kan en mag echter niet zomaar een verklaring afleggen of inzage verlenen
vanwege de geheimhoudingsplicht die hij heeft omtrent de gegevens van zijn patiënten.

De verplichting tot geheimhouding wordt niet opgeheven door het overlijden van de patiënt

Dus ook na het overlijden blijft de arts gebonden aan zijn geheimhoudingsverplichting.
Deze verplichting is wettelijk vastgelegd.
Bovendien mag een arts op grond van de wet ook in het kader van een gerechtelijke procedure zich beroepen op een verschoningsrecht.
Dat betekent dat een arts geen verklaring hoeft af te leggen.

Het verschoningsrecht is gebaseerd op de gedachte dat een ieder zich voor bijstand en advies tot een hulpverlener moet kunnen wenden
zonder ervoor te vrezen dat de inhoud hiervan aan derden bekend wordt.
Het recht op privacy wordt als een zwaarwegend belang beschouwd.

Onder omstandigheden kunnen hier uitzonderingen op worden gemaakt

De Hoge Raad heeft al in 2001 geoordeeld dat de geheimhoudingsplicht onder omstandigheden kan worden doorbroken. Die uitzondering op de geheimhoudingsverplichting is met ingang van 1 januari 2020 nu ook wettelijk vastgelegd.


In artikel 7:458a BW staat:
“In afwijking van het bepaalde in artikel 457 lid 1 verstrekt de hulpverlener desgevraagd inzage in of afschrift van gegevens uit het dossier van een overleden patiënt aan:

c. een ieder die een zwaarwegend belang heeft en aannemelijk maakt dat dit belang mogelijk wordt geschaad en dat inzage in of afschrift van gegevens uit het dossier noodzakelijk is voor de behartiging van dit belang.

Door de KNMG is hieromtrent een richtlijn uitgewerkt waarin wordt aangegeven hoe artsen hiermee in de praktijk om dienen te gaan


In die richtlijn staat over het verstrekken van inzage van een overleden patiënt:
“Enkel een emotioneel belang”
is volgens de wetgever niet voldoende.
Bij een zwaarwegend belang kan het bijvoorbeeld gaan om kinderen die een vlak voor het overlijden gesloten huwelijk van een ouder vanwege een wilsgebrek willen vernietigen of die willen beoordelen of een ouder wilsbekwaam was om zijn testament te wijzigen”.

De huidige wettekst lijkt hiermee meer ruimte te bieden dan in het verleden om inzage te verlangen in het medisch dossier als er gerede twijfels is over de totstandkoming van een testament

In de praktijk zal moeten blijken hoe er in voorkomend geval met deze nieuwe wettelijke regel zal worden omgegaan.

Santema Erfrecht Advocatuur heeft een ruime ervaring met discussies over geheimhoudingsverplichtingen.

Wilsonbekwaam geheimhoudingsplicht dementie

Uitspraak inzage in medisch dossier – beroepsgeheim – zwaarwegend belang – aannemelijk dat zwaarwegend belang wordt geschaad. 
Lees meer…..

Inhoudsindicatie
Afgifte medisch dossier, doorbreking geheimhoudingsplicht, artikel 7:457 BW.
Dit is een uitspraak waarbij met succes de afgifte van een medisch dossier werd gevorderd. 
Lees meer….

Het lukt echter niet altijd. Bijvoorbeeld in deze zaak, waarin de rechtbank de vordering afwees.
Lees de uitspraak over afgifte medisch dossier Rechtbank Midden- Nederland locatie Utrecht. 
Lees meer….

Is er een verjaringstermijn voor het nietig verklaren van een testament bij wilsonbekwaamheid?

Bij dit soort kwesties moet een goed onderscheid gemaakt worden tussen vernietigbare rechtshandelingen en nietige rechtshandelingen.
(Het opstellen van een testament kan worden aangemerkt als een rechtshandeling.)

Bij vernietigbare rechtshandelingen, het woord geeft het al aan, zal een beroep gedaan moeten worden op de vernietigbaarheid.
Als dat niet (tijdig) wordt gedaan, vervalt de mogelijkheid daar nog tegen in actie te komen.
Bijvoorbeeld een testament dat is gemaakt op grond van bedreiging, bedrog of onjuiste beweegredenen is vernietigbaar.
Lees verder: verjaringstermijn testament

Ik wil het medisch dossier opvragen van mijn vader/moeder omdat ik vermoed dat hij/zij medisch gezien niet in staat was een testament te maken. kan dat?

Als na het overlijden blijkt dat iemand een testament heeft gemaakt terwijl je sterke twijfels had of diegene wel in staat was om dat te doen, wordt vaak de behoefte gevoeld hier navraag over te doen.
Lees verder: medisch dossier beroepsgeheim wilsonbekwaamheid testament

Wie beslist er over mijn medische behandeling als ik dit zelf niet (meer) kan?

Als u zelf niet meer kunt beslissen over uw medische behandeling, kijkt de arts eerst of u een wilsverklaring heeft geschreven. Hierin staat wat er moet gebeuren in zo’n situatie. Er staat ook of u iemand die namens u praat, heeft aangewezen. Als dit niet zo is, dan vraagt de arts uw naasten om te beslissen.
Lees verder: wilsonbekwaamheid levenseinde euthanasie

Rechten en plichten erfgenamen

Rechten en plichten erfgenamen

Erfgenaam nalatenschap rechten en plichten

1. wat moet ik doen als ik niet of onvoldoende word geïnformeerd bij een nalatenschap / erfenis?

Rechten en plichten erfgenamen.

Erfgenamen zijn verplicht elkaar alle gegevens te verstrekken die voor de bepaling van hun erfrechtelijke posities van belang zijn.

Voorafgaand aan een verdeling heeft iedere deelgenoot het recht een boedelbeschrijving te vorderen.
Een boedelbeschrijving houdt in dat alle tot de nalatenschap behorende goederen en zaken worden beschreven, zowel de baten als de lasten.

Een boedelbeschrijving kan onderhands worden opgesteld, maar ook door een notaris in de vorm van een notariële akte.
In een notariële akte wordt de boedelbeschrijving in de meeste gevallen onder ede bevestigd.

Het is mogelijk om de kantonrechter een boedelbeschrijving te laten bevelen.
De kantonrechter zal daartoe een notaris aanwijzen.
De kosten van de werkzaamheden van de notaris worden aangemerkt als boedelkosten.
Dit betekent dat de kosten voor rekening komen van de erfgenamen.

Het afleggen van een eed omtrent de juistheid van de boedelbeschrijving lijkt op het eerste gezicht gratuit.
Maar let wel dat wanneer blijkt dat er toch zaken buiten beschouwing zijn gelaten er in feite meineed is gepleegd en dat op het plegen van meineed  strafrechtelijke sancties staan.

Daarnaast geldt dat een erfgenaam die opzettelijk tot de nalatenschap behorende goederen verzwijgt, zoek maakt of verborgen houdt, zijn aandeel daarin aan de overige erfgenamen verbeurt  (artikel 3:194 lid 2 BW).

2. wat zijn mijn rechten en plichten als erfgenaam ten opzichte van andere erfgenamen?

Rechten en plichten erfgenamen.

De nalatenschap vormt een onverdeelde gemeenschap waartoe alle erfgenamen ieder voor een gelijk deel gerechtigd zijn.

Juridisch wordt deze gezamenlijke eigendom aangeduid als een gemeenschap en de gerechtigden (erfgenamen) als deelgenoten.

Alle tot de nalatenschap behorende goederen zijn mede-eigendom van alle erfgenamen zolang er nog niet verdeeld is. Dit betekent dat niet over de boedel (zowel inboedel als banktegoeden) kan worden beschikt zonder medewerking en/of instemming van alle deelgenoten.

Met daden van beschikking worden handelingen bedoeld als verkopen, verhuren of verpachten van de grond c.q. de woning.

Voor het overige geschiedt het beheer van de gemeenschap door de deelgenoten tezamen. Onder beheer wordt begrepen “alle handelingen die voor de normale exploitatie van het goed dienstig kunnen zijn, waaronder ook het aannemen van aan de gemeenschap verschuldigde prestaties”.

Bepaalde handelingen die kunnen beschouwd als beheersdaden kunnen door iedere deelgenoot afzonderlijk worden verricht. Hierbij gaat het om handelingen dienende tot gewoon onderhoud of tot behoud van de zaak en handelingen die geen uitstel kunnen lijden.

Deelgenoten kunnen onderling afspraken maken over het beheer van de gemeenschap. Op verzoek van een belanghebbende partij kan de kantonrechter desnoods een beheersregeling treffen.

Erfgenamen zijn verplicht elkaar alle gegevens te verstrekken die voor de bepaling van hun erfrechtelijke posities van belang zijn. Voorafgaand aan een verdeling heeft iedere deelgenoot het recht een boedelbeschrijving te vorderen.

familie-erfrechtadvocatuur.nl is ook onderdeel van Santema Advocatuur

Uitspraak wilsonbekwaamheid

Uitspraak wilsonbekwaamheid inzage  in medisch dossier.
Concrete aanwijzingen voor het vermoeden van wilsonbekwaamheid.
veroordeelt tot afgifte van het medisch dossier van wijlen mevrouw [C] aan dr. [F] , waaronder primair het gehele medische dossier wordt verstaan doch (subsidiair) in ieder geval de gegevens die nodig zijn voor de beantwoording van de aan dr. [F] voorgelegde onderzoeksvragen zoals geformuleerd in het verzoekschrift tot het gelasten van een voorlopig deskundigenbericht, een en ander onder door de rechtbank in goede justitie nader te bepalen voorwaarden,

Uitspraak wilsonbekwaamheid inzage in medisch dossier.
Concrete aanwijzingen voor het vermoeden van wilsonbekwaamheid.

Klik hier om deze uitspraak wilsonbekwaam op pdf te downloaden

uitspraak wilsonbekwaamheid

ECLI:NL:RBNNE:2022:4042
Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 26-10-2022
Datum publicatie 07-11-2022
Zaaknummer C/17/185854 / KG ZA 22/177
Rechtsgebieden Civiel recht
Bijzondere kenmerken Eerste aanleg – enkelvoudig,
Kort geding, Op tegenspraak


Inhoudsindicatie

  • inzage in medisch dossier
  • beroepsgeheim
  • zwaarwegend belang
  • aannemelijk dat zwaarwegend belang wordt geschaad
  • concrete aanwijzingen voor het vermoeden van wilsonbekwaamheid

Vindplaatsen Rechtspraak.nl NJF 2023/5 ERF-Updates.nl 2022-0353 GZR-Updates.nl 2022-0295 Verrijkte uitspraak Uitspraak vonnis

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Afdeling privaatrecht Uitspraak wilsonbekwaamheid

Locatie Leeuwarden

zaaknummer / rolnummer: C/17/185854 / KG ZA 22-177
Vonnis in kort geding van 26 oktober 2022

in de zaak van [A] , wonende te [woonplaats] ,

eiser, advocaat mr. W.S. Santema te Sneek,

tegen [B] ,

huisarts gevestigd te [vestigingsplaats] , gedaagde,

advocaat mr. J.M. de Vries te Utrecht.

Partijen zullen hierna [A] en [B] genoemd worden.

1 De procedure


1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:


de dagvaarding,


de conclusie van antwoord,


nadere producties van [A] ,


de mondelinge behandeling gehouden op 10 oktober 2022,


de pleitnota van [A] .

1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2De feiten
2.1.
[C] (hierna te noemen: [C] ), geboren op [geboortedatum] en sinds 2004 weduwe van [D] , is op [overlijdensdatum] overleden.

2.2.
[A] is de neef van [C] . Hij is door zijn [C] bij testament van

24 november 2008 benoemd tot executeur-testamentair. [A] heeft deze benoeming aanvaard.

2.3.
Vanaf 2014 woonde [C] in het verpleeghuis [verpleeghuis X] te [plaats] . Op

20 augustus 2015 heeft zij een algemene volmacht afgegeven aan de heer [E] (hierna te noemen: [E] ) voor het beheer van haar financiën.

2.4.
[A] heeft op 11 april 2022 bij de rechtbank Noord-Nederland een verzoek ingediend tot het bevelen van een voorlopig deskundigenbericht en tot benoeming van

dr. [F] , arts te [plaats] (hierna te noemen: [F] ) als deskundige. Het onderzoek is bedoeld om vast te stellen of [C] ten tijde van het ondertekenen van de volmacht op 20 augustus 2015 al dan niet ‘compos mentis’ kon worden geacht. De rechtbank heeft het verzoek ingewilligd en bij beschikking van 23 september 2023 is [F] als deskundige benoemd.

2.5.
[A] heeft daarnaast aan [B] gevraagd om een afschrift van – dan wel inzage in – het medisch dossier van [C] . [B] heeft dat geweigerd met een beroep op haar medisch beroepsgeheim.

3 Het geschil

3.1. [A] vordert dat de voorzieningenrechter:

[B] veroordeelt tot afgifte van het medisch dossier van wijlen mevrouw [C] aan dr. [F] , waaronder primair het gehele medische dossier wordt verstaan doch (subsidiair) in ieder geval de gegevens die nodig zijn voor de beantwoording van de aan dr. [F] voorgelegde onderzoeksvragen zoals geformuleerd in het verzoekschrift tot het gelasten van een voorlopig deskundigenbericht, een en ander onder door de rechtbank in goede justitie nader te bepalen voorwaarden,

– alles op straffe van een dwangsom van € 500,- voor iedere dag dat [B] daarmee in gebreke blijft na betekening van het vonnis door de rechtbank,

– en met veroordeling van [B] in de kosten van dit geding.

3.2. [A] heeft aan zijn vordering het volgende – samengevat weergegeven – ten grondslag gelegd.

[A] is er in zijn functie als executeur achter gekomen dat op het vermogen van [C] fors is ingeteerd nadat aan [E] de volmacht was verleend.

Het gaat om een bedrag van ongeveer € 300.000,00. Uit het vermogen van [C] zijn onder andere, op basis van afzonderlijke schenkingsovereenkomsten, schenkingen gedaan aan [E] , zijn echtgenote, kinderen en hun partners. [A] vreest dat zijn tante slachtoffer is geworden van financieel misbruik en heeft ernstige twijfels omtrent haar geestelijke vermogens in de periode waarin de betreffende volmacht is verleend en de schenkingen zijn gedaan. [A] is van plan een gerechtelijke procedure te starten om de door of namens zijn tante verrichte rechtshandelingen nietig te laten verklaren dan wel te laten vernietigen.

Om in een dergelijke procedure beslagen ten ijs te komen heeft [A] gevraagd om de benoeming van een deskundige die onderzoek zou kunnen uitvoeren naar de geestesvermogens van [C] en haar handelingsbekwaamheid. De inmiddels benoemde deskundige heeft voor het uitvoeren van zijn onderzoek echter het medisch dossier van [C] nodig. Volgens [A] beroept [B] zich ten onrechte en op onjuiste gronden op haar geheimhoudingsverplichting.

[A] heeft namelijk een zwaarwegend (financieel) belang bij inzage in het medisch dossier, omdat er naar zijn overtuiging financieel misbruik is gemaakt van zijn tante, en daarnaast zijn er voldoende aanwijzingen om te vermoeden dat [C] reeds ten tijde van haar opname in het verpleeghuis niet langer ‘compos mentis’ was. [A] heeft diverse medische stukken en verklaringen overgelegd ter onderbouwing van zijn standpunt.

3.3. [B] voert verweer. Volgens haar zijn er onvoldoende aanwijzingen die aannemelijk maken dat [C] wilsonbekwaam was ten tijde van het verlenen van de volmacht (en de daarop volgend gedane schenkingen).

Dementie is bijvoorbeeld niet aangetoond. [B] voert verder aan dat de noodzaak ontbreekt voor inzage in het volledige huisartsendossier. [A] heeft niet beargumenteerd wélke informatie uit het huisartsendossier nodig zou zijn voor de beantwoording van de vraagstelling in het kader van het voorlopig deskundigenonderzoek. [B] vermoedt overigens dat het huisartsendossier niet de informatie bevat waar [A] kennelijk naar op zoek is. Bij [verpleeghuis X] wordt ook een (verpleegkundig) dossier over [C] bijgehouden waarin waarschijnlijk meer is te vinden, aldus nog steeds [B] .

3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling


4.1.
De voorzieningenrechter is allereerst van oordeel dat [A] zijn spoedeisend belang bij de gevraagde voorlopige voorziening tot afgifte van het medisch dossier van wijlen zijn [C] voldoende aannemelijk heeft gemaakt gelet op het door de rechtbank gelaste, voorlopig deskundigenonderzoek.

4.2.
Vervolgens moet beoordeeld worden of de vordering tot afgifte van het medisch dossier van [C] in een bodemprocedure een zodanige kans van slagen heeft, dat vooruitlopen daarop door toewijzing van die vordering in kort geding gerechtvaardigd is.

De voorzieningenrechter overweegt in dit verband het volgende.

4.3. Als hoofdregel geldt dat gegevens uit het medisch dossier van een overleden patiënt onder het medisch beroepsgeheim vallen van de hulpverlener.

Bij wijze van uitzondering wordt wel inzage in of afschrift van gegevens uit het dossier van een overleden patiënt verstrekt aan een ieder die een zwaarwegend belang heeft en aannemelijk maakt dat dit belang mogelijk wordt geschaad en dat inzage in of afschrift van gegevens uit het dossier noodzakelijk is voor de behartiging van dit belang (zie artikel 7:458a aanhef en onder c BW).

4.4.
Niet weersproken is dat [A] in dit geval een zwaarwegend belang heeft bij het verkrijgen van informatie uit het medisch dossier van [C] , namelijk om te onderzoeken of de volmacht en/of de schenkingen kunnen worden aangevochten op de grond dat [C] niet wilsbekwaam was ten tijde van het verlenen/verstrekken hiervan.

4.5.
Inzage wordt vervolgens alleen gegeven wanneer aan de hand van voldoende concrete aanwijzingen aannemelijk wordt gemaakt dat het zwaarwegende belang mogelijk geschaad zou kunnen worden. In dit geval betekent dit dat er concrete aanwijzingen moeten zijn voor het vermoeden dat [C] wilsonbekwaam was toen zij de volmacht verleende en de daarop volgende schenkingen deed.
Anders dan [B] veronderstelt is het daarbij niet vereist dat de wilsonbekwaamheid (bijvoorbeeld door dementie) al (min of meer) vast moet staan.

Of er daadwerkelijk sprake is geweest van wilsonbekwaamheid zal immers door [F] in het kader van het voorlopig deskundigenonderzoek beoordeeld worden. De voorzieningenrechter begrijpt dat [B] zich terughoudend opstelt waar het gaat om het doorbreken van haar beroepsgeheim, echter de bewoording “aannemelijk maakt” in artikel 7:458a, sub c BW betekent niet dat [A] in een onmogelijke positie (vicieuze cirkel) gebracht mag worden door van hem te verlangen dat hij op voorhand zodanig aannemelijk moet maken dat [C] wilsonbekwaam was dat dit in wezen op het leveren van bewijs neerkomt. Waar het dus om gaat is dat er voldoende moet zijn aangevoerd om een vermoeden van wilsonbekwaamheid te rechtvaardigen.

4.6. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft
[A] in dit geval voldoende aanwijzingen naar voren gebracht die een vermoeden van wilsonbekwaamheid rechtvaardigen.

In het dossier bevindt zich een brief van een Zwitserse arts uit 2011, een verslag d.d. 5 juni 2019 van een psychologisch consult uit mei 2019 van een

GZ-psycholoog, deel uitmakend van het behandelteam Patyna te Sneek, en verklaringen van de voormalige huishoudelijke hulp en de voormalige buurvrouw van [C] . Hieruit komt naar voren dat er aanwijzingen zijn voor dementie (zie de verklaringen van de Zwitserse arts uit 2011 en van de GZ-psycholoog uit 2019) en van een uitgebreide neurocognitieve problematiek tijdens en na de opname van [C] in [verpleeghuis X] (de verklaring van de GZ-psycholoog in 2019).

De verklaringen van de voormalige huishoudelijke hulp van [C] en van haar toenmalige buurvrouw sluiten aan bij het beeld dat er twijfel bestaat ten aanzien van de wilsbekwaamheid van [C] .
Deze aanwijzingen leveren in de gegeven omstandigheden
– mede gelet op de aard en omvang van de schenkingen –
een voldoende rechtvaardiging op voor doorbreking van de geheimhoudingsverplichting.

4.7.

[A] heeft voorts voldoende aannemelijk gemaakt dat inzage in het medisch dossier noodzakelijk is om een mogelijk verband te kunnen leggen tussen de handelingen
(de volmacht en/ofschenkingen) zoals die door [C] zijn verricht en haar geestesgesteldheid. Daarbij is de voorzieningenrechter van oordeel dat de huisarts de eerst aangewezen persoon is om informatie aan te vragen,
omdat mag worden aangenomen dat deze fungeert als de spil in het zorgproces rondom een patiënt
en omdat alle informatie van andere behandelaars in beginsel bij de huisarts aanwezig is.

Mochten er nog gegevens ontbreken, dan kan [A] zich voor de gewenste duidelijkheid over de geestesgesteldheid van [C] zonodig ook nog tot [verpleeghuis X] wenden.

4.8. Tot slot moet worden beoordeeld welke gegevens uit het medisch dossier moeten worden afgegeven aan [F] . [F] heeft inmiddels in zijn e-mailbericht van

7 oktober 2022 aan de advocaat van [A] medegedeeld dat hij voor zijn onderzoek inzage wenst in het dossier van
[C] vanaf 2011 tot aan haar dood in november 2020 en dat hij – indien aanwezig – ook graag “een beoordeling rond 1950 (arts of psycholoog) over psycho-emotionele stoornissen” wil ontvangen. Met dat laatste wordt kennelijk gedoeld op een rapportage (of brief) van professor W.J. Bladergroen die volgens [A] is aangetroffen in de woning van [C] toen die ontruimd werd, maar die is kwijtgeraakt. Met inachtneming van het bericht van [F] zal voorzieningenrechter bepalen dat
[B] binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis het volledige medische dossier van
[C] vanaf 2011 tot aan haar overlijden in november 2020 aan [F] moet afgeven,
alsmede – voor zover aanwezig – de brief van een arts of psycholoog uit ongeveer 1950 over psycho-emotionele stoornissen bij [C] .
Van belang hierbij is dat de voorzieningenrechter niet kan beoordelen wat er wel en niet in het dossier van [B] over [C] beschikbaar is, zodat hierin geen schifting kan worden gemaakt.

Daarnaast neemt de voorzieningenrechter in aanmerking dat het dossier aan een medisch deskundige zal worden verstrekt,
en dat mag worden aangenomen dat deze zorgvuldig met de aan hem toevertrouwde informatie om zal gaan en ervoor zorg zal dragen dat informatie uit het medisch dossier niet onnodig in handen komt van de erven van [C] of van derden.

4.9.

De conclusie op grond van het vorenstaande is dat de vordering van
[A] zal worden toegewezen op de wijze zoals hiervoor onder 4.8. is weergegeven.

4.10.

De gevorderde dwangsommen zullen eveneens worden toegewezen, met dien verstande dat daaraan een maximum zal worden verbonden van € 10.000,00.

4.11.

[B] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [A] worden vastgesteld op:

– betekening oproeping € 125,03

– griffierecht 314,00

– salaris advocaat 1.016,00

Totaal € 1.455,03

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

veroordeelt [B] om binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis over te gaan tot afgifte
van het volledige medisch dossier van wijlen mevrouw [C] aan
dr. [F] , praktijkhoudende te [plaats] ,
over de periode van 2011 tot aan de datum van haar overlijden, met inbegrip van – voor zover aanwezig –
de beoordeling van rond 1950 (van een arts of psycholoog) over psycho-emotionele stoornissen,

5.2.

veroordeelt [B] om aan [A] een dwangsom te betalen van € 500,00
voor iedere dag dat zij niet aan de in 5.1. uitgesproken hoofdveroordeling voldoet,
tot een maximum van € 10.000,00 is bereikt,

5.3.

veroordeelt [B] in de proceskosten, aan de zijde van [A] tot op heden vastgesteld op € 1.455,03.

5.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

5.5.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Griffioen, rechter, en in het openbaar uitgesproken door mr. C.M. Telman, rolrechter, op 26 oktober 2022.1

Uitspraak

Een erfenis aanvaarden?

Moet ik de erfenis aanvaarden?
En op welke wijze?

Als u op grond van de wet of door middel van een testament als erfgenaam bent aangewezen, is allereerst de vraag of u de erfenis wilt aanvaarden en zo ja, op welke wijze.

Als (eventuele) erfgenaam heeft u drie mogelijkheden:

  1. Zuiver aanvaarden van de nalatenschap
  2. Verwerpen van de nalatenschap
  3. Beneficiair aanvaarden

Zuiver aanvaarden


Door zuiver te aanvaarden wordt u erfgenaam en treedt u (samen met uw mede-erfgenamen) in de rechten en plichten van de overledene.
Dit wordt in erfrechtelijke termen ook wel de “saisine” genoemd en vormt één van de basisbeginselen van het erfrecht: de erfgenamen zetten als het ware de positie van de erflater voort.
Dit betekent ook dat, in het geval dat er meer schulden dan bezittingen tot de nalatenschap behoren, u met uw privévermogen (mede-)aansprakelijk wordt voor de schulden.

“Een zuivere aanvaarding komt soms tot stand zonder er bij stil te staan.”

Het zuiver aanvaarden van de nalatenschap kan vorm vrij gebeuren door daar uitdrukkelijk een verklaring over af te leggen, maar kan ook worden afgeleid uit het feit dat iemand zich als erfgenaam gedraagt.
De wet spreekt van het zich gedragen als ondubbelzinnig en zonder voorbehoud als een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam.

Per 1 september 2016 is de Wet “bescherming erfgenamen tegen schulden” in werking getreden.

Zoals uit de titel al blijkt is het daarvan de bedoeling om erfgenamen meer bescherming te bieden tegen schulden die verbonden zijn aan een erfenis.
Lees meer:  Per 1 september 2016 is de wet aangepast.

Een erfgenaam gedraagt zich als ondubbelzinnig en zonder voorbehoud zuiver aanvaard hebbende erfgenaam door goederen van de nalatenschap te verkopen, te bezwaren of door op andere wijze goederen van de nalatenschap aan het verhaal van schuldeisers te onttrekken.

Met deze nieuwe tekst is bedoeld een duidelijker onderscheid te maken tussen handelingen die strekken tot het beheren van de nalatenschap en het beschikken daarover. Op het moment dat iemand als “heer en meester” beschikt over de goederen van de nalatenschap door die bijvoorbeeld te verkopen, is dat een handeling die leidt tot zuivere aanvaarding.

Ten opzichte van de oude wettekst is er minder snel sprake van zuivere aanvaarding door ondoordachte handelingen.

Verwerpen van de nalatenschap

Na verwerping wordt u geacht nimmer erfgenaam te zijn geweest. U heeft dan geen enkele aanspraak op de erfenis – u verkrijgt niets – maar ook eventuele schulden van de nalatenschap kunnen niet op u worden verhaald.
Om een erfenis te verwerpen moet een speciale akte worden opgesteld bij de griffie van de rechtbank. Hier zijn kosten aan verbonden.

Beneficiaire aanvaarding

Als u beneficiair aanvaardt wordt u wel erfgenaam, maar bent u niet met uw eigen vermogen aansprakelijk voor de schulden van de nalatenschap. U wordt dan slechts aansprakelijk voor de schulden van de nalatenschap, voor zover er in die nalatenschap baten aanwezig zijn. Er wordt als het ware een muur opgetrokken tussen de erfenis en uw eigen privé-vermogen. Om een erfenis beneficiair te aanvaarden moet een speciale akte worden opgesteld bij de griffie van de rechtbank. Hier zijn kosten aan verbonden.

Bij een beneficiaire aanvaarding dienen er wel een aantal formaliteiten in acht te worden genomen, de wettelijke vereffeningsprocedure.

Verdere gevolgen van het aanvaarden of verwerpen

Als eenmaal zuiver is aanvaard, kan niet meer worden verworpen of andersom.
Slechts onder bijzondere omstandigheden kunt u een gemaakte keus ongedaan maken. Wordt u na een zuivere aanvaarding geconfronteerd met schulden van de erflater waardoor de erfenis een negatief saldo krijgt? Onderneem onmiddellijk actie en laat u goed adviseren.

Een van de erfgenamen weigert om een keus te maken, wat nu?

Als een (potentiële) erfgenaam geen keuze wil maken leidt dat vaak tot een impasse in de afwikkeling van de nalatenschap.
Bijvoorbeeld kan dan geen verklaring van erfrecht afgegeven worden door de notaris.


Als een erfgenaam weigert een keuze kenbaar te maken kan de kantonrechter worden gevraagd de betreffende erfgenaam een termijn te stellen waarbinnen de keus omtrent het aanvaarden van de nalatenschap moet worden gedaan. Als de erfgenaam die termijn laat verlopen dan wordt hij/zij geacht de nalatenschap zuiver te hebben aanvaard.

Een eenmaal gemaakte keuze is onherroepelijk


Een andere mogelijkheid is dat wanneer één van de erfgenamen beneficiair aanvaardt en de erfgenaam die nog geen keus heeft gemaakt daarvan in kennis wordt gesteld, ook hij of zij geacht wordt beneficiair te aanvaarden.
Dit laatste tenzij binnen 3 maanden na het bekend worden met de beneficiaire aanvaarding van de ene, de ander alsnog verwerpt of zuiver aanvaardt.

Wat gebeurt er met mijn erfdeel als ik verwerp?

Wanneer u uw erfdeel verwerpt, schuift uw erfdeel als het ware door naar de eerst volgende erfgenaam/erfgenamen die daarvoor in aanmerking komt/komen. Het is afhankelijk van de omstandigheden van het geval waar uw erfdeel terecht komt, onder andere van de vraag of er al dan niet een testament gemaakt is.

Kan ik een gedane keus ongedaan maken?

In beginsel is het antwoord nee.
Een eenmaal gemaakte keus om zuiver of beneficiair te aanvaarden of te verwerpen is onherroepelijk en kan niet ongedaan worden gemaakt.

Per 1 september 2016 is nieuwe wetgeving ingevoerd waarbij nieuwe regels zijn gesteld over het aanvaarden van een nalatenschap. Onderdeel daarvan is een nieuwe regel voor “onverwachte schulden”. Nadat een erfenis al is aanvaard komen erfgenamen soms onverwacht voor onaangename verassingen te staan als achteraf blijkt dat de overledene veel meer schulden had dan verwacht.

De hoofdregel blijft dat een eenmaal gemaakte keus onherroepelijk is.

Als er eenmaal zuiver is aanvaard, kun je niet alsnog de erfenis verwerpen of beneficiair aanvaarden. Echter, in het geval van onverwachte schulden is het nu mogelijk om met toestemming van de kantonrechter de zuivere aanvaarding om te zetten naar een beneficiaire aanvaarding, zodat de erfgenaam niet meer met privé-vermogen aansprakelijk is voor de schulden.

Het zal in de praktijk moeten blijken hoeveel toegevoegde waarde deze nieuwe regel heeft. Met name is nog niet duidelijk hoe de rechter om zal gaan met het begrip “onverwachte schuld”. In  praktijk blijkt dat de rechter wel kritisch is als het gaat om de vraag of de schuld daadwerkelijk “onverwacht” was voor de erfgenaam.


Santema Advocatuur is gespecialiseerd in Erfrecht.
Het kantoor richt zich 100% op alles wat met erfrecht te maken heeft.
Ook voor Agrarischerfrecht

Is er een verjaringstermijn voor het nietig verklaren van een testament bij wilsonbekwaamheid?

Verjaringstermijn testament:

Nietig verklaren van een testament bij wilsonbekwaamheid

Bij dit soort kwesties moet een goed onderscheid gemaakt worden tussen vernietigbare rechtshandelingen en nietige rechtshandelingen.


Het opstellen van een testament kan worden aangemerkt als een rechtshandeling.

Nietige rechtshandelingen worden geacht nimmer rechtskracht te hebben gehad

Bij vernietigbare rechtshandelingen, het woord geeft het al aan, zal een beroep gedaan moeten worden op de vernietigbaarheid.
Als dat niet (tijdig) wordt gedaan, vervalt de mogelijkheid daar nog tegen in actie te komen.

Bijvoorbeeld een testament dat is gemaakt op grond van bedreiging, bedrog of onjuiste beweegredenen is vernietigbaar.

Als het gaat om een testament dat onder invloed van een geestelijke stoornis is gemaakt dan is er sprake van een nietig testament.

Een vordering tot vernietiging van een testament verjaart een jaar na het overlijden van degene die het testament heeft gemaakt of uiterlijk na drie jaar (één en ander afhankelijk van het tijdstip waarop de vernietigingsgrond bekend geworden is).

Deze termijnen gelden niet voor een nietig testament.
Er is met andere woorden geen wettelijke termijn waarbinnen de nietigheid van een testament moet worden vastgesteld, anders dan de algemeen geldende verjaringstermijn van 20 jaar.

Overigens zou ik een dergelijke kwestie niet zo lang op de plank laten liggen.
U moet terdege rekening houden met bewijsproblematiek, maar bovendien zou u ook op enig moment uw rechten kunnen verwerken.

Wilt u meer weten over het erfrecht of bijzonder familierecht?
Neem gerust contact met ons op!


VERNIETIGING VAN AFGIFTE LEGATEN WEGENS WILSONBEKWAAMHEID VAN EXECUTEUR. VERDELING VAN NALATENSCHAP VAN VADER KAN PAS NA VERDELING VAN ONTBONDEN HUWELIJKSGOEDERENGEMEENSCHAP


Rechtsgebieden Civiel recht
Inhoudsindicatie: Erfrecht

Samenvatting:
In deze zaak stond mr. W.S. Santema een aantal erfgenamen bij die waren benadeeld door de wijze waarop de nalatenschap was afgewikkeld. Aangetoond kon worden dat er bij de moeder van partijen ten tijde van het tekenen van de notariële akte sprake was van een vergaande dementie. De rechtbank ging daarom over tot vernietiging van de middels die akte verrichte rechtshandelingen.

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Zaaknummer C/17/141854 / HA ZA 15-153
Rechtsgebieden Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg – enkelvoudig
Op tegenspraak Inhoudsindicatie Erfrecht

Vernietiging van afgifte legaten wegens wilsonbekwaamheid van executeur.
Verdeling van nalatenschap van vader kan pas na verdeling van ontbonden huwelijksgoederengemeenschap. Geschil over schuld aan één van de kinderen.

Lees op rechtspraak.

 

Verjaringstermijn wilsonbekwaam testament